‘Kom met serieus beleid voor een circulaire economie’, adviseert Wetenschappelijke Klimaatraad

4 uren geleden 1

Vliegen, autorijden en vlees eten – dat het slecht is voor het klimaat weet iedereen. Minder bekend is dat het verbruik van materialen (zoals staal, beton, kunststoffen) bijna 40 procent van de Nederlandse klimaatimpact veroorzaakt. Al decennia verkondigen politici dat een circulaire economie het antwoord is op dit probleem. Maar het beleid blijft veel te vrijblijvend, waarschuwt de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) donderdag in een advies.

Het beleid van opeenvolgende kabinetten (inclusief de plannen van het kabinet-Jetten) is niet genoeg om circulaire doelen te behalen, aldus de WKR. Formeel streeft de Rijksoverheid naar een volledig circulaire economie in 2050. Maar in Nederland is het grondstoffengebruik juist aan het stijgen. Net als in de rest van de wereld: de laatste vijftig jaar is de wereldwijde vraag naar materialen ongeveer verdriedubbeld.

Het WKR-advies, aangevraagd door voormalig staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Chris Jansen (PVV), lijkt sterk op wat de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur en het Planbureau voor de Leefomgeving al verschillende keren adviseerden. Namelijk dat het kabinet een circulaire transitie alleen waar kan maken door met strengere regels en sterkere financiële prikkels te komen. En dat de nadruk van beleid te veel ligt op één onderdeel van een circulaire economie: recycling. Terwijl er nauwelijks aandacht gaat naar iets wat veel duurzamer zou zijn: het voorkomen van afval. De WKR rept over „onvoldoende duidelijkheid en sturing” op de circulaire transitie, en een gebrek aan „samenhangend en langjarig beleid”.

Ook het kabinet-Jetten heeft zulke nieuwe regels of financiële prikkels niet aangekondigd, ziet de WKR. Er is veel terughoudendheid bij het opleggen van regels, zoals milieu-eisen aan gebouwen. Voor maatregelen wordt vooral naar de Europese Unie gekeken.

Het gemiddelde gewicht van verkochte auto’s steeg van zo’n 1.250 kilo in 2010, naar ongeveer 1.450 kilo in 2024

Steeds zwaardere auto’s

Dat moet anders, adviseert de WKR. De Raad oppert daarbij twee vormen van beleid: het ene richt zich op het anders produceren van producten, door bijvoorbeeld af te dwingen dat er minder of minder vervuilende materialen gebruikt worden. De andere beleidsvorm, door de WKR ‘functiegericht beleid’ genoemd, richt zich op de maatschappelijke behoefte en hoe die behoefte op een minder vervuilende manier vervuld kan worden.

Zo is de autoproductie een groeiende bron van CO2-uitstoot (dus nog los van de uitstoot die autorijden veroorzaakt). Nederlanders kopen steeds meer, steeds grotere en steeds zwaardere auto’s. Het aantal voertuigen in Nederland neemt elk jaar met ruim 2 procent toe, sneller dan de groei van het aantal huishoudens. Het gemiddelde gewicht van verkochte auto’s steeg van zo’n 1.250 kilo in 2010, naar ongeveer 1.450 kilo in 2024. Dit komt deels doordat elektrische auto’s zwaarder zijn dan auto’s met verbrandingsmotoren, maar ook door een groeiende voorkeur voor SUV’s. Volgens de WKR zorgt de Nederlandse consumptie van nieuwe auto’s jaarlijks voor 6,5 megaton aan broeikasgassen door materiaalgebruik.

Hier is functiegericht beleid bijvoorbeeld het verminderen van de vraag naar auto’s door andere manieren van vervoer centraal te stellen bij het inrichten van de openbare ruimte, zoals fietsen, lopen en openbaar vervoer. De WKR noemt de Utrechtse wijk Merwede als voorbeeld, die de grootste autovrije stadswijk van Nederland moet worden. Productiegericht beleid is bijvoorbeeld het stellen van minimumeisen voor het gebruik van gerecycled staal en aluminium. Daarnaast noemt de WKR een extra aanschaf- en gebruiksbelasting voor grote auto’s.

Ook de bouw veroorzaakt grote, vervuilende afvalstromen. Dat komt voornamelijk door het gebruik van vervuilende materialen als beton, staal en kunststoffen. Om aan de grote vraag naar woningen te voldoen, adviseert de WKR meer in te zetten op het ombouwen van bestaande panden, zoals kantoren, winkels of leegstaande scholen. Een andere optie is het optoppen van bestaande gebouwen met één of meerdere bouwlagen. Het optoppen, transformeren van bestaande panden en opsplitsen van woningen scheelt 50 tot 85 procent in klimaatimpact vergeleken met nieuwbouw. De WKR adviseert subsidies en fiscale vrijstellingen voor dit soort alternatieve bouwvormen.

Veel mensen willen graag kleiner wonen, vaak gaat het daarbij om ouderen. De WKR schrijft dat „een nationale aanpak ontbreekt” voor het bevorderen van zulke doorstroom. Ook heeft het kabinet-Schoof een milieu-aanscherping uitgesteld in de bouweisen voor nieuwe woningen, waardoor bouweisen volgens de WKR „nog steeds weinig ambitieus zijn”.

Gemiddeld kochten Nederlanders in 2023 ongeveer 54 kledingstukken per persoon

Textielberg

De textielafvalberg is een groeiende bron van CO2-uitstoot. Gemiddeld kochten Nederlanders in 2023 ongeveer 54 kledingstukken per persoon. De wereldwijde consumptie van kleding is sinds 2000 ruim verdubbeld. De WKR adviseert maatregelen te nemen die overconsumptie ontmoedigen. Zoals het inperken van reclame (digitaal en op straat) op kleding gemaakt van plastic, en het tegengaan van schijnkortingen en de spelelementen (gamification) die steeds vaker opduiken op webshops.

Daarnaast kunnen webshops worden verplicht een klein retourbedrag te vragen voor het terugsturen van kleding. Gemiddeld wordt een derde van alle geretourneerde kleding vernietigd. In Nederland wordt gemiddeld een kwart van de gekochte kledingstukken geretourneerd, een van de hoogste retourpercentages in Europa.

Tot slot adviseert de WKR een andere aanpak van plastic verpakkingsafval. Plasticproductie drijft de vraag naar olie het sterkst op. Tussen 2000 en 2022 is het gebruik van plastic in Europa met de helft toegenomen. Van al het plastic wordt 40 procent gebruikt voor verpakkingen, zoals shampooflessen, vleesverpakkingen of bubbelfolie.

In Nederland wordt minder dan de helft van de plastic verpakkingen gerecycled. In slechts 7 procent van de verpakkingen zit gerecycled plastic verwerkt. Sinds enkele jaren is er een faillissementsgolf onder plastic recyclers, zo is vorige maand de grootste Nederlandse recycler van landbouwfolie omgevallen.

Omdat plastic uit aardolie meestal goedkoper is, zit de branche te springen om maatregelen die de vraag stimuleren. De WKR noemt Noorwegen als voorbeeld, waar een milieuheffing geldt voor plastic drankverpakkingen. Een andere optie is een belasting op plastic verpakkingen die in Nederland op de markt worden gebracht. Zoiets zat er in Nederland wel jaren aan te komen, maar de eerder aangekondigde nationale heffing op fossiel plastic is in 2025 juist geschrapt.

Lees het hele artikel