Luchtvaartmaatschappijen nemen maatregelen tegen hoge prijs kerosine

1 dag geleden 1

KLM neemt voorlopig geen nieuwe medewerkers meer aan. De Nederlandse luchtvaartmaatschappij gaat het aantal dienstreizen van werknemers beperken en wil minder externe consultants inhuren. Zo hoopt de luchtvaartmaatschappij – die al langer bezig is met een groot besparingsprogramma om haar marges op te krikken – de kosten te drukken, nu de prijs van kerosine door het dak gaat.

De Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran en de Iraanse tegenacties hebben geleid tot een sterke stijging van de brandstofkosten. De prijs van een ton kerosine is de afgelopen maand meer dan verdubbeld naar een recordbedrag van 1.730 dollar per ton in Europa.

KLM is niet de eerste luchtvaartmaatschappij die maatregelen neemt tegen de hoge brandstofkosten. Zo schrapte de Scandinavische maatschappij SAS al duizend vluchten in april. American Airlines en Delta Air Lines meldden deze week dat ze in het eerste kwartaal 400 miljoen dollar meer zullen uitgeven aan brandstof dan verwacht. En veel maatschappijen verhogen hun ticketprijzen met een brandstoftoeslag. Air France-KLM rekent 50 euro meer per ticket.

Luchtruimen dicht

De luchtvaart worstelt met de gevolgen van de oorlog in de Perzische Golf. De eerste dagen van het conflict ging de aandacht vooral uit naar de gesloten luchtruimen boven het Midden-Oosten. Die maakten het onmogelijk te vliegen over de Golf, een cruciale route voor de intercontinentale luchtvaart tussen Europa en Azië.

Lees ook

Iran-oorlog toont hoe de luchtvaart afhankelijk is geworden van de megahubs in de Golf

KLM meldde donderdag dat het bedrijf in elk geval tot en met 17 mei niet vliegt op drie bestemmingen in de regio: Dubai, Riad en Dammam. Ook andere maatschappijen hebben hun annuleringen de afgelopen dagen keer op keer verlengd. De luchtvaartanalisten van het Britse bureau Cirium telden in de eerste week van de oorlog ruim 37.000 geschrapte vluchten van en naar luchthavens in de regio (een daling van pakweg 50 procent).

Op de vliegvelden van Doha (Qatar), Dubai en Abu Dhabi werd en wordt nog steeds slechts mondjesmaat gevlogen. Dat raakt de intercontinentale luchtvaart. Juist deze reusachtige luchthavens zijn de afgelopen jaren uitgegroeid tot megahubs voor het vliegverkeer tussen Europa en Azië en Oceanië. Een derde van alle intercontinentale vluchten van Europa naar het oosten vindt plaats met een overstap in de Golf.

Voor het vliegverkeer tussen Europa en Azië resteren nu nog slechts twee smalle corridors: de noordelijke over Turkije, de Kaukasus, Afghanistan en Pakistan, en de zuidelijke over Egypte, het midden van Saoedi-Arabië en de Indische Oceaan. Dat zijn niet de snelste routes; omvliegen kost extra brandstof en vanwege de langere vliegtijden is meer bemanning nodig. Zo stijgen de kosten.

Deze smalle routes zijn bovendien kwetsbaar. Dat bleek wel vlak na het begin van de aanval op Iran: een raket- of drone-aanval op een vliegveld in zuidelijk Azerbeidzjan dreigde even ook de noordroute te blokkeren. Vliegen via Rusland is al sinds 2022 niet mogelijk voor westerse maatschappijen door de sancties vanwege de oorlog in Oekraïne.

Kerosinetekort

Nu Iran steeds meer olieraffinaderijen, gasfabrieken en andere productiefaciliteiten aanvalt, concentreert de aandacht van de luchtvaart zich op brandstof. Meerdere maatschappijen uitten deze week grote zorgen over de beschikbaarheid van voldoende kerosine – met name op luchthavens in Azië. Daar wordt meer kerosine geïmporteerd vanuit de Golf, terwijl Europa veel vliegtuigbrandstof zelf raffineert.

Benjamin Smith, bestuursvoorzitter van Air France-KLM, stelde vrijdag in de Financial Times dat „Zuidoost-Azië veel afhankelijker is van brandstof die via de Golf wordt aangevoerd dan Europa”. „We kunnen wel brandstof uit Europa halen, maar als we naar een stad in Zuidoost-Azië gaan, kunnen we het vliegtuig niet terugvliegen.” Air France annuleerde deze maand de route Parijs-Havana vanwege ernstige brandstoftekorten in Cuba.

Lees ook

‘We kunnen bij KLM geen wonderen verrichten zonder duidelijkheid’

Vliegtuigen van Air France en KLM op luchthaven Schiphol. Met Air France gaat het goed, KLM blijft achter.

Na de salarissen vormt brandstof de grootste kostenpost voor luchtvaartmaatschappijen. In 2025 was Air France-KLM ruim 6,4 miljard euro (op een omzet van 33 miljard euro) kwijt aan kerosine. Dat was 501 miljoen euro (7 procent) minder dan in 2024 (wat het bedrijfsresultaat van de Frans-Nederlandse maatschappij gunstig beïnvloedde).

De meeste Europese maatschappijen zijn overigens gewoon om langlopende contracten af te sluiten met hun brandstofleveranciers. Amerikaanse maatschappijen doen dit niet. Dat maakt bedrijven als American Airlines en Delta Air Lines kwetsbaar.

Kansen

Ondanks de hoge brandstofprijzen en de beperkingen van het luchtruim ziet de Financial Times ook (tijdelijke) kansen voor Europese luchtvaartmaatschappijen. Nu de dominante Golf-rivalen als Qatar Airways, Emirates en Etihad nagenoeg aan de grond staan, zouden maatschappijen als Air France-KLM, Lufthansa en British Airways marktaandeel kunnen heroveren door directere routes aan te bieden naar Azië die de onveilige Golf-regio mijden.

KLM is hier enigszins mee bezig. Zo gaat de Nederlandse maatschappij vaker vliegen op de Indiase hoofdstad Delhi. Europese maatschappijen kijken al langer naar India als een aantrekkelijke groeimarkt voor de komende decennia. Snel opschalen is er echter niet bij voor veel maatschappijen. Door aanhoudende leveringsproblemen bij Boeing en Airbus is er een chronisch tekort aan vliegtuigen.

Al met al dreigt het conflict in de Golf intercontinentale vliegtickets zoveel duurder te maken dat de liberalisering van de luchtvaart – vliegen voor iedereen, mede dankzij de budgetmaatschappijen – stokt. In de eerste dagen na het begin van ‘Iran’ ging een ticket van Azië naar Europa soms tien keer over de kop (van pakweg 1.000 naar meer dan 10.000 euro).

Eén troost voor iedereen die droomt van een vakantie naar Zuidoost-Azië, inclusief luxe vliegreis met een van de Golf-maatschappijen. Als het conflict ooit ten einde is, zullen de luchtvaartmaatschappijen in Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten en omliggende landen snel weer marktaandeel willen terugwinnen. Dat zal vermoedelijk gepaard gaan met duizelingwekkende subsidies – in directe overheidssteun en indirecte hulp bij voor de snelle (her)bouw van megaluchthavens. En, met stuntprijzen voor vliegtickets.

Lees het hele artikel