Mediawetenschapper Simone Driessen: ‘Ali B ging van ‘knuffelmarokkaan’ naar persona non grata’

5 uren geleden 1

Ooit gold Ali B als een van de bekendste gezichten van de Nederlandse entertainmentindustrie: rapper, tafelheer bij DWDD, presentator, en coach bij The Voice of Holland. Hij profileerde zich als bruggenbouwer voor de Marokkaanse gemeenscham en noemde zichzelf de „knuffelmarokkaan”: een vriendelijk tegenbeeld van hardnekkige stereotypen. Dat beeld is compleet gekanteld, zegt mediawetenschapper Simone Driessen. „Hij stond op de foto met Willem-Alexander en Beatrix. Nu is hij een persona non grata geworden.”

Driessen analyseerde voor de Erasmus Universiteit in Rotterdam 171 nieuwsitems over de eerste strafzaak tegen Ali B. In haar onderzoek keek ze naar de manier waarop Nederlandse en Vlaamse media, maar ook instituties als justitie en de rechtbank, zijn publieke imago vormgaven. Daarin concludeerde ze dat de media bijgedragen hebben aan een proces dat ze de-celebrificatie noemt: het verval van zijn sociale status. „Beroemd zijn beschermt iemand niet langer tegen de juridische en maatschappelijke gevolgen van grensoverschrijdend gedrag,” zegt ze. „Daaraan kan je zien dat we in een post-#Metoo wereld leven.”

Nadat drie vrouwen de rapper aanklaagden wegens ernstig seksueel wangedrag, werd Ali B in juli 2024 veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf. Tegen dat vonnis ging hij in hoger beroep. Die zaak dienst deze week. „Daarmee is ook de mediastorm weer terug,” zegt Driessen. „Zijn zaak is te volgen met liveblogs, pushmeldingen – soms lijkt het alsof je het kan volgen met popcorn.”

Medeleven voor de verdachte

In haar analyse onderscheidt Driessen drie terugkerende narratieven in de berichtgeving. Allereerst is er het verhaal van Ali B en zijn team van advocaten, waarin hij zichzelf neerzet als slachtoffer: niet van seksueel geweld, maar van een mediacampagne. Dat sluit aan bij het concept „himpathy’’: de neiging om medeleven te richten op een verdachte met status en charisma. „Hij presenteerde zichzelf als iemand die al veroordeeld was in de media voordat de rechter had gesproken,” zegt Driessen. Ook bij de start van het hoger beroep benadrukte hij dat onderscheid: „Ik hou het bij trial, niet bij trial by media.”

Donderdag ging de advocaat van Ali B nog verder: die benadrukte dat beeldvorming kan leiden tot een gevangenisstraf en verwees naar de zaak van Lucia de B., die ten onrechte werd veroordeeld voor moord. „Natuurlijk krijgt een rechter de beeldvorming van Ali B in de media ook mee,” zegt Driessen. „Maar dat is wel echt een andere zaak.”

Het narratief van Ali B lijkt minder dominant dan dat van de slachtoffers en de rechtbank, zegt Driessen. „Dat laat zien dat we in een post-#MeToo-wereld leven.” De vrouwen schetsen het beeld van een man die grenzen negeert en het woord ‘nee’ niet accepteert. „Emotioneel beladen termen als ‘seksueel roofdier’, die ook tijdens dit hoger beroep weer gebruikt zijn door slachtoffers, werden de kop van een artikel van RTL Boulevard. Dat draagt bij aan de beeldvorming van Ali B.” Op het moment van publicatie was Ali B nog niet veroordeeld.

Mediawetenschapper Simone Driessen.

Foto Privéarchief

Minder zichtbaar

Uit de analyse blijkt dat de slachtoffers in de berichtgeving minder zichtbaar zijn dan Ali B zelf. Waar sommige media vooral de emotioneel beladen termen die slachtoffers gebruikten overnamen, schreven andere verslaggevers slechts dat ‘er een getuigenverklaring was voorgelezen’.

Ook blijkt uit de analyse dat de geloofwaardigheid van de slachtoffers nog altijd regelmatig ter discussie wordt gesteld. Zo moesten de slachtoffers in de rechtbank betwisten dat ze geen groupies waren die geen recht op klagen hadden. „Dat gebeurt tijdens bijna elke rechtszaak,” zegt Driessen.

Toch bleven de media vooral aan de kant van de slachtoffers staan. „Over Ali B werd vooral geschreven dat hij niet wist wat ‘nee’ betekent. Dat is een verhaal dat aansluit bij de slachtoffers.”

Dan is er het narratief van het Openbaar Ministerie en de rechtbank. „Als een Officier van Justitie zegt dat Ali B ‘weinig reflectief is’, wordt die framing door veel media overgenomen. Daardoor gaat het debat opnieuw over zijn persoonlijkheid en minder over de feiten.”

Een persona non grata

Door de manier waarop de narratieven in de media verschenen, ontstaat wat Driessen „de-celebificatie” noemt: het afbrokkelen van symbolisch en moreel kapitaal dat zijn publieke rol eerder had. In moderne taal: hij werd gecanceld. De privileges die bij zijn beroemdheid hoorden, vielen weg. In korte tijd verloor hij zijn televisieoptredens, samenwerkingen en zijn publieke rol. Omroepen en partners, waaronder AVROTROS, verbraken de samenwerking. „Hij is iemand geworden die niemand meer wil aanraken: een seksueel roofdier, een persona non grata.”

Het proces van de-celebrificatie verloopt bij hem ingrijpender dan bij andere bekende Nederlanders die in opspraak raakten, zoals Marco Borsato of Lil’ Kleine, zegt Driessen. „Ali B was minder alleen artiest en meer een algemene mediapersoonlijkheid”, zegt Driessen. „Hij was juist bekend om zijn persoonlijkheid. Hij had een voorbeeldfunctie, bouwde bruggen tussen de Nederlander en gemarginaliseerde groepen. Als dat wegvalt, blijft er minder over om op terug te vallen. Het laat zien dat beroemdheid geen bescherming biedt tegen de gevolgen van grensoverschrijdend gedrag. Integendeel: het vergroot de impact. Alles wat je bent geweest als publieke figuur, kan zich ook tegen je keren.”

Lees het hele artikel