Het zijn de sporen van een stil protest. Vlaggen van vaalblauwe en vuilwitte stof, slordig weggestopt tussen de stoeltjes van het King Power Stadium. Ze zijn er neergelegd zodat de vaste bezoekers van die zitjes ermee zouden zwaaien – bij opkomst van de spelers van Leicester City FC, of bij een doelpunt. Maar op deze doordeweekse avond, medio maart, blijven ze onaangeroerd, net als de stoeltjes zelf.
Zelfs in de vakken met de fanatiekste supporters, in de hoek van de zuid- en oosttribune, zijn de gaten onmiskenbaar. Geregeld zijn er vier of vijf stoelen in een rij ongevuld. Elders in het stadion is de leegte nog duidelijker, en zitten er soms maar twee of drie toeschouwers in een rij. Daar zijn de letters nog leesbaar, die met contrasterende gekleurde stoelen op de tribune zijn geschreven.
Tien jaar geleden zou dat ondenkbaar zijn geweest. Toen was het stadion van Leicester City vrijwel elke thuiswedstrijd stijf uitverkocht. In het Britse provinciestadje, op een dik uur rijden ten oosten van Birmingham, wilde iedereen het voetbalwonder zien dat zich destijds voltrok: een bescheiden club, met een beperkte begroting, die alle topclubs versloeg en de Premier League won. Terwijl Leicester City een jaar eerder nog ontsnapte aan degradatie.
Hoe onwaarschijnlijk dat was, bleek uit de schattingen van Britse wedkantoren. De kans dat Leicester dat jaar de Engelse landstitel zou winnen, werd vooraf even groot geacht als het bestaan van het monster van Loch Ness, of dat de in 1977 overleden zanger Elvis Presley toch nog in leven bleek. Leicester City FC was een sprookje dat elke club in Europa een reden tot dromen gaf. Want als het kon in de door geld gedomineerde Premier League, waarom dan niet in Italië, Duitsland of Nederland?
Leicester City FC was een sprookje dat elke club in Europa een reden tot dromen gaf.
Van dat hoopvolle gevoel is in het King Power Stadium een decennium later weinig meer over. Leicester City speelt inmiddels al geen Premier League meer, nadat de club vorig seizoen als achttiende was geëindigd en degradeerde. Dit seizoen dreigen The Foxes nog verder af te glijden, naar League One, het derde niveau in Engeland. Op zeven speelrondes voor het einde staat de club twee-na-laatste. De onderste drie ploegen degraderen.
De frustratie bij fans is enorm, ziet Rob Tanner. De journalist van The Athletic, de sporttak van The New York Times, volgt Leicester City al zeventien jaar en spreekt van „een echt heel sombere sfeer in het King Power”. De voornaamste bron van ergernis: hoe de club wordt gerund door de Thaise eigenaren, die Leicester City in 2010 kochten. Voor de thuiswedstrijd tegen Norwich City van eind januari verzamelden honderden fans zich rond het stadion, om met spandoeken aan te dringen op de verkoop van hun club.
„Er zijn veel seizoenkaarthouders die zeggen: we komen niet meer totdat de eigenaren de club verkopen”, weet Tanner. Maar hun kaartje doorverkopen doen ze óók niet: de bewust leeggelaten stoeltjes moeten hun boodschap onderstrepen. In de officiële bezoekersaantallen vallen ze niet op, omdat Leicester City rekent met het aantal verkochte tickets, niet het aantal bij de ingang gescande kaartjes. Maar wie in het stadion zit, ziet de gevolgen van de boycot meteen, zegt Tanner. „Ik heb sinds ik dit doe nog nooit zo veel lege stoeltjes gezien.”
Nieuwe subtopper
Natuurlijk beseften ze in Leicester meteen dat die landstitel de grote uitzondering zou zijn, zegt Iain Wright. Hij is al ruim 36 jaar fanatiek supporter en belt deze dinsdagavond in maart vanuit zijn auto, op weg naar de doordeweekse wedstrijd tegen Bristol City FC. Het seizoen 2015/16 was de anomalie, het jaar waarin werkelijk álles meezat. „We hadden een manager én twaalf tot dertien spelers die het beste seizoen uit hun loopbaan kenden. En het geluk dat alle andere teams net wat minder waren dan normaal.”
Toch blijft Leicester City ook in de jaren erna verrassen. Het seizoen na de landstitel bereikte de club de kwartfinale in de Champions League, in de competitie volgden daarna nog twee vijfde plaatsen, in de seizoenen 2019/20 en 2020/21. In dat laatste jaar won Leicester City ook de FA Cup, tegen Chelsea. Weer een seizoen later bereikte de club de halve finale van de Europese Conference League.
Het leek, kortom, alsof Leicester City erin slaagde om permanent aansluiting te vinden bij de nationale subtop, zo was het gevoel. „We konden concurreren met grotere teams in Europa, de club verkeerde in goede gezondheid”, zegt Wright. „Maar daarna is het alsof werkelijk elk besluit verkeerd heeft uitgepakt, alsof ze plotseling niets goed meer konden doen. En dan zit je opeens in een nieuwe werkelijkheid.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/02105843/020426SPO_2032589569_leicester2.jpg)
Toenmalig manager Claudio Ranieri en de Deense keeper Kasper Schmeichel vieren de enige landstitel in de Premier League die Leicester City ooit haalde, in 2016.
APEen kantelpunt is ontegenzeggelijk de avond van 27 oktober 2018. Leicester speelde eerder die middag een thuiswedstrijd tegen West Ham United, waar eigenaar Vichai Srivaddhanaprabha op de tribune zat. De Thaise zakenman, eigenaar van het familiebedrijf King Power, een uitbater van belastingvrije winkels op luchthavens, was volgens clubvolger Tanner bij vrijwel iedereen geliefd. Regelmatig betrad hij voor wedstrijden de kleedkamer, om zijn selectie te inspireren.
Na de ontmoeting met West Ham stapte Vichai in zijn helikopter, voor een korte vlucht naar de Londense luchthaven Luton. Meteen bij de start ging het al mis: het toestel raakte door technische problemen onbestuurbaar en stortte neer, waarbij de eigenaar om het leven kwam. Zowel het familiebedrijf als de voetbalclub kwam daarmee in handen van zijn toen 32-jarige zoon, Aiyawatt Srivaddhanaprabha. Op een moment dat beide organisaties vlak voor een grote verandering stonden.
Leicester City was tot dan toe vooral een club die het moest hebben van slimme investeringen, zegt Tanner. Voor weinig geld werden hele hordes met interessante jonge spelers aangetrokken, van wie sommigen bleven plakken en uitgroeiden tot topvoetballers. Voorbeelden daarvan zijn Riyad Mahrez en N’Golo Kanté, die later voor tientallen miljoenen euro’s werden verkocht aan Manchester City en Chelsea. Of Jamie Vardy, de voormalig fabrieksmedewerker, die in het kampioensjaar net geen topscorer werd.
Maar met de nieuwe ambities kon Leicester City zo’n uittocht van toptalent niet langer veroorloven, was de gedachte. In plaats van verdienen aan transfers gingen de Foxes juist elk jaar meer geld uitgeven, om de beste spelers te behouden en de selectie te versterken. Het Belgische talent Youri Tielemans werd voor vele tientallen miljoenen aangetrokken, net als centrumspits Ayoze Pérez en verdediger Wesley Fofana.
Door die nieuwe aanpak namen ook de salarisuitgaven rap toe: in de drie seizoenen na de landstitel verdubbelden ze, tot 150 miljoen pond (173 miljoen euro). Het was een uitgavepatroon dat alleen nog vol te houden was door sportieve successen en het geld dat daarmee binnenkwam. In het seizoen dat de loonkosten piekten, tot boven de 200 miljoen pond, ging dat mis. Met de op zes na hoogste begroting van de Premier League eindigde Leicester City in 2022/23 als achttiende, en degradeerde de club naar de ‘Championship’, de Engelse eerste divisie.
Onder fans is er dan nog hoop dat die tegenslag eenmalig zal zijn, als Leicester City het seizoen erna meteen weer promoveert. Maar in de jaarverslagen is dan al te lezen dat de investeringen niet meer „in lijn lopen met resultaten op veld”. Al enkele jaren leidt de club dan fikse verliezen, en de financiële spelregels van de Engelse voetbalbond dwingen de directie om de uitgaven flink terug te schroeven, en daarmee de ambities ook. Na een jaar in de Premier League degradeert de club opnieuw.
Het verhaal van Leicester City heeft volgens clubvolger Tanner daarmee veel weg van de vlucht van Icarus, de Griekse mythologische figuur met zijn vleugels van was. Ook die was vooraf gewaarschuwd voor overmoed, maar vloog te dicht bij de zon, waarna zijn vleugels smolten en Icarus ter aarde stortte. Diezelfde hubris zag Tanner bij Leicester City. „Ze hebben het te ambitieus aangepakt, in de jacht op grote dromen.”
De nul houden
Hoe broos het zelfvertrouwen inmiddels is, blijkt op deze kille, regenachtige dinsdag in maart. Leicester City staat achttiende, mede doordat de club deze winter zes punten in mindering kreeg, een straf voor het langdurig overtreden van de financiële spelregels van de Engelse voetbalbond FA. Nog altijd behoort de selectie, zowel qua waarde als qua loonkosten, tot de top van de Championship. Alleen: de resultaten zijn er niet naar.
Er zijn bovendien weinig voortekenen die wijzen op een goede afloop, meent Tanner. „Om degradatie te ontlopen moet je als team de nul kunnen houden. Dat is ze [in de competitie] al dertig wedstrijden op rij niet gelukt. Daarnaast hebben ze niet echt een scorende spits, en worden ze regelmatig op vechtlust verslagen. Als dat allemaal ontbreekt, wordt het voor een trainer wel erg lastig.”
De wedstrijd tegen Bristol City kan een nieuw dieptepunt zijn, voegt Iain Wright daar vanuit zijn auto aan toe. Leicester City presteert dit seizoen in het eigen stadion nog zwakker dan dat het op bezoek bij tegenstanders doet. De wedstrijd tegen Bristol kan het vijfde thuisduel op rij zijn dat wordt verloren. Dat is Leicester City volgens Wright, in de Championship althans, al honderd jaar niet meer overkomen.
Hoewel ook Bristol bezig is aan een zwakke reeks, is de sfeer al voor de aftrap gelaten. Voordat de spelers opkomen, wordt in het donkere stadion een animatievideo vertoond, van een brutale vos met glinsterende ogen, die van het ene naar het andere filmpje van sportieve successen van Leicester City loopt. Alleen bij een clipje van een doelpunt van Vardy, in het jaar dat de club kampioen werd, klinkt kort gejuich. Voor de rest blijft het nagenoeg stil.
Zelfs als even later blijkt dat Leicester City duidelijk beter is, is de somberte nooit ver weg. Al voor rust staat de thuisploeg 2-0 voor, maar tot diep in de tweede helft krijgt bij elk balverlies de moedeloosheid meteen de overhand, alsof een onnauwkeurige pass op tachtig meter van het eigen doel meteen een nieuwe nederlaag zou inluiden. Ten onrechte, want Leicester City wint met 2-0. Maar door zwakke resultaten in de twee wedstrijden die volgen schiet de club er in de ranglijst weinig mee op.
Het voelt weleens, zegt Wright eerder op de middag, alsof hij naar een compleet andere club zit te kijken dan tien jaar geleden. In zijn ruim vijfendertig jaar als trouwe supporter heeft hij alle hoogte- en dieptepunten wel gezien. Hij probeert zich soms voor te stellen hoe het moet zijn voor zijn dochter, die deze dinsdag ook meegaat naar het stadion. „Ze is nu elf. Toen we haar voor het eerst naar de basisschool brachten, was Leicester een club die serieus kon meedoen in Europa. Nu staan we op de rand van League One.”


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/05145657/050426BUI_2032799826_F152.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/05174519/050426SPO_2032766013_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/05174328/050426SPO_2032765760_1.jpg)


/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data146283594-112bb1.jpg)

/https://content.production.cdn.art19.com/images/bf/83/1a/b7/bf831ab7-f4b2-4b70-897e-f29d4cb07ba4/a4e821cac1d15b8132a80e8b3fc87b62163d08efee1bb8e57458acc4b2f1d673d876d18e2172ca7c300c6db0ae7d824d3046ca2cc9e7226df9779c3c30db851b.jpeg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/02105842/020426SPO_2032589569_leicester1.jpg)
English (US) ·