Waarom mensen juist vaker helpen als er weinig te halen valt

4 uren geleden 2

Je kent het wel: je zit lekker naar een serie te kijken en je partner vraagt of je een boterham wil smeren. Of je scrolt door Instagram en je huisgenoot heeft hulp nodig met een klus. Wanneer besluit je eigenlijk om te stoppen met wat je aan het doen bent en iemand anders te helpen?

Meestal bestuderen onderzoekers dit soort keuzes met economische spelletjes waarbij mensen tussen twee opties moeten kiezen. Maar dat is niet hoe het echte leven werkt, zo stellen wetenschappers van de universiteiten van Birmingham en Oxford. In werkelijkheid onderbreken we constant wat we doen om iets anders te doen. En blijkbaar speelt de kwaliteit van onze omgeving daarbij een grotere rol dan gedacht.

De wetenschappers lieten 510 mensen, verdeeld over drie aparte onderzoeken, naar een natuurdocumentaire kijken. Tijdens het kijken verschenen er regelmatig kansen op het scherm om beloningen te verdienen. Soms voor henzelf en soms voor een anonieme andere persoon.

De clou: om een beloning binnen te halen, moesten ze de film onderbreken en een inspannende taak doen, zoals snel op een knop drukken of op een handvat knijpen tot ze een bepaalde drempel bereikten. Wie niks deed, miste de beloning maar kon gewoon doorkijken.

De onderzoekers creëerden twee verschillende omgevingen. In een ‘arme’ omgeving waren de gemiddelde beloningen lager en was ook de kans dat een persoon er een kreeg kleiner. In een ‘rijke’ omgeving waren de kansen om een goede beloning te krijgen gemiddeld veel beter.

Hulpvaardiger in magere tijden

Deelnemers onderbraken hun film vaker in de arme omgeving dan in de rijke. Dat effect was nog sterker wanneer de beloning naar iemand anders ging in plaats van naar henzelf. In een omgeving met betere kansen werden mensen kieskeuriger en wachtten ze liever op iets beters.

Gedragsecologen kennen dit patroon al langer van dieren die op zoek zijn naar voedsel. Als een vogel in een gebied zit met veel hoogwaardig voedsel, slaat hij prooi van mindere kwaliteit over. Hij wacht dus op iets beters. Maar in een gebied waar goed voedsel schaars is, neemt diezelfde vogel genoegen met minder. Want wachten levert waarschijnlijk toch niks op.

Berekeningen in ons hoofd

De onderzoekers gebruikten wiskundige modellen om te begrijpen hoe mensen tot hun keuzes kwamen. Ze ontdekten dat ons brein de zogenoemde ‘alternatieve kosten’ van verschillende omgevingen anders weegt voor anderen versus onszelf.

Alternatieve kosten zijn wat je opgeeft door iets te kiezen. Als je de film pauzeert voor een beloning, mis je een stukje van de documentaire en moet je moeite doen. In een rijke omgeving zijn die kosten hoger, omdat je waarschijnlijk binnenkort een nóg betere kans krijgt. In een arme omgeving zijn de kosten lager; betere kansen komen toch niet snel.

Mensen in een arme omgeving bleken even gevoelig voor de waarde van beloningen voor anderen als voor beloningen voor zichzelf in een rijke omgeving. Dat betekent wellicht dat onze omgeving mee bepaalt hoe ‘egoïstisch’ of ‘altruïstisch’ we ons gedragen.

Empathie en principes

Niet iedereen reageerde hetzelfde. De onderzoekers lieten deelnemers vragenlijsten invullen over empathie, motivatie en morele overtuigingen. Daaruit kwam naar voren dat mensen met meer empathie en emotionele betrokkenheid het minder ‘zwaar’ vonden om hun gedrag te onderbreken voor anderen.

Hetzelfde gold voor mensen met sterke utilitaristische overtuigingen, het principe dat je het welzijn van zoveel mogelijk mensen moet maximaliseren. Zij waren eerder geneigd om anderen te helpen, ongeacht de omgeving. Kenmerken zoals depressie, angst of apathie hadden geen meetbaar verband met hoe mensen besloten anderen te helpen.

Kanttekeningen

De studie had ook beperkingen. De aantrekkelijkheid van de film kon per moment verschillen en dat kon invloed hebben op hoe graag mensen hem wilden onderbreken. De onderzoekers probeerden dit te controleren met verschillende afleveringen en wisselende volgorde. Maar kleine schommelingen in spanning bleven moeilijk te vatten.

Ook richtte het onderzoek zich alleen op fysieke inspanning als ‘prijs’ voor helpen. Hoe dit zich vertaalt naar andere soorten kosten, zoals je tijd opofferen voor een collega of mentale energie steken in iemands probleem, blijft een vraag voor vervolgonderzoek.
Ten slotte vond het experiment plaats in een gecontroleerde omgeving. Of dezelfde mechanismen opgaan in complexe situaties uit het echte leven moet nog worden onderzocht.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Wil jij het liefst iedereen vertellen dat je een goede daad hebt verricht? Waarom je dat waarschijnlijk toch niet doet en In een gevaarlijke situatie helpen we eerder het slachtoffer dan dat we de dader straffen: waarom is dat?. Of lees dit artikel: Leren in het lab is niet leren in het leven: hersenwetenschap loopt hier tegenaan.

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Lees het hele artikel