Werken in de apotheek is steeds meer speurwerk. Waar vind je een medicijn?

7 uren geleden 1

Derk Habing is al de hele ochtend druk. De zestiger fietste eerst naar zijn eigen apotheek in de wijk Oosterhaar in het Groningse Haren. Daarna belde hij het Martini Ziekenhuis in Groningen. Toen het Universitair Medisch Centrum Groningen. Nu staat hij aan de balie van de BENU-apotheek in het centrum van Haren.

Hij zoekt twee medicijnen tegen een hoge bloeddruk: dipyridamol en nifedipine. Noodzakelijk ‘spul’ voor Habing, hij kreeg al eens een herseninfarct. „Ik fiets dus stad en land af’, zegt hij met enige zelfspot. „Ik moet toch wat doen om mijn eigen hachje te redden.”

Heeft u nog wel wat pillen op voorraad? Om het nog een tijdje uit te houden?

Apothekersassistent Marleen Bakker tuurt naar haar scherm. Nifedipine is nog wel in een hogere dosering op voorraad, maar halveren van het medicijn mag niet. Dan werkt het niet goed meer. Dipyridamol is er niet meer. „Het spijt mij meneer, ik kan u ook niet helpen”, zegt ze. Een korte stilte. „Heeft u nog wel wat pillen op voorraad? Om het nog een tijdje uit te houden?”

Habing staat niet alleen. Ruim 3,5 miljoen Nederlanders kregen vorig jaar bij de apotheek te horen dat hun medicijn er niet was. In 2025 waren 1.134 medicijnen tijdelijk of langdurig niet leverbaar, blijkt uit cijfers van apothekersorganisatie Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP).

Een jaar eerder was de situatie nóg slechter: in 2024 waren 1.563 medicijnen niet leverbaar. Maar voor apothekers voelt het niet als een stap vooruit. „In de basis zijn we zorgverleners”, zegt apotheker en regiocoördinator Noord-Nederland Folgert Haverdings. „Elke patiënt die we niet kunnen helpen, is er één te veel.”

Apothekersvereniging LEF en de Vereniging van Jonge Apothekers stuurden daarom half februari een brandbrief naar de Tweede Kamer. Het medicijnenbeleid faalt en de patiënt betaalt de prijs, schrijven zij: bijna de helft van hen ervaart gezondheidsschade door het tekort.

ApothekersassistenteMarleen Bakker moet Derk Habing teleurstellen. Zijn medicijnen zijn niet voorradig.

Foto Kees van de Veen

Afhankelijkheid van het buitenland

De oorzaak ligt volgens apothekers onder meer in de afhankelijkheid van het buitenland, en van een klein aantal fabrieken. Nederland produceert zelf nauwelijks medicijnen. Werkzame stoffen komen vaak uit Azië of Zuid-Europa. Valt een fabriek uit, dan stokt de levering. Ook het aantal aanbieders per geneesmiddel krimpt: volgens cijfers van KNMP daalde het gemiddelde aantal leveranciers per middel van 3,3 in 2016 naar 2,6 in 2025. 

Zorgverzekeraars vergoeden bovendien per geneesmiddel meestal één voorkeursmerk. Dat zogenoemde preferentiebeleid versterkt volgens apothekers de kwetsbaarheid. 74 Procent van de tekorten betreft middelen die onder dat beleid vallen, blijkt uit cijfers van de apothekersvereniging. „Het drukt de prijs,” zegt Haverdings. „Maar het maakt Nederland ook minder aantrekkelijk voor leveranciers. En onze afzetmarkt is al klein.”

In hun brandbrief zijn apothekers helder: het preferentiebeleid moet op de schop. Verzekeraars moeten meerdere merken tegelijk vergoeden, zodat apothekers bij een tekort kunnen uitwijken naar een ander medicijn.  

Zorgverzekeraars betwisten dat het voorkeursbeleid de oorzaak is van het medicijntekort. Ook landen zonder preferentiebeleid kampen daarmeehebben een medicijntekort, zeggen zij.

Kees van de Veen

Zorgverzekeraars betwisten dat het voorkeursbeleid de oorzaak is van het medicijntekort. Ook landen zonder preferentiebeleid kampen daarmee, zeggen zij, omdat er een beperkt aantal medicijnproducten is en minder grondstoffen voorradig zijn. Het beleid zorgt er volgens de zorgverzekeraars voor dat medicijnen goedkoper zijn en tot de goedkoopste in Europa behoren. Bovendien zeggen zij dat ze bij dreigende tekorten het voorkeursbeleid tijdelijk loslaten.

Het kabinet nam in 2023 aanvullende maatregelen. Leveranciers moeten zes weken extra voorraad aanhouden, groothandels twee. Apothekers mogen sneller in het buitenland inkopen. Het is onduidelijk of die maatregelen helpen: de Algemene Rekenkamer constateerde vorig jaar dat het ministerie van Volksgezondheid geen zicht heeft op de werkelijke voorraad. Buitenlandse inkoop is vaak duurder en alleen onder strikte voorwaarden mogelijk.

„Bij ons heeft het de ergste pieken afgevlakt”, zegt Haverdings. „Maar het blijven noodoplossingen en dat heeft gevolgen voor de patiënt.”

Eén medeweker voor het zoekwerk

Apothekersassistent Dilara Berk klikt door het voorraadsysteem. Ze is op zoek naar Levothyroxine, een middel dat veel wordt voorgeschreven aan schildklierpatiënten. Het is al tijden niet beschikbaar.

Werken in de apotheek is steeds meer speurwerk, zegt ze. Is het middel op voorraad? Kan een andere leverancier leveren? Bestaat er een alternatief? Brancheorganisatie KNMP berekende dat apotheken gemiddeld één fulltime medewerker per vestiging inzetten voor dat zoekwerk: opgeteld gaat het om tweeduizend fte, goed voor 220 miljoen euro per jaar.

Levothyroxine is bijvoorbeeld lastig te vervangen. Zelfs kleine doseringsverschillen kunnen de werking ontregelen, met klachten als vermoeidheid, depressieve gevoelens en hartkloppingen als gevolg. „Patiënten die omgezet worden naar een alternatief moeten daarom vaker bloedprikken en ervaren meer bijwerkingen”, zegt Berk.

Iemand slikt twintig jaar een rode pil en krijgt ineens een groene. Dan denken mensen: dit klopt niet

Bij andere medicijnen dwingt een tekort tot uitstel of aanpassing. Artsen wijken uit naar een tweede keus, kiezen noodgedwongen voor een andere behandeling of veranderen de dosering. Dat is niet zonder risico’s. „Sommige patiënten nemen per ongeluk drie pillen in plaats van één”, zegt Haverdings. „Anderen blijken allergisch voor een nieuwe hulpstof of krijgen onbekende bijwerkingen.”

Soms maakt de wisseling mensen al ziek. „Iemand slikt twintig jaar een rode pil en krijgt ineens een groene”, zegt Haverdings. „Dan denken mensen: dit klopt niet.” Die twijfel veroorzaakt stress en lokt lichamelijke klachten uit. „Vooral bij ouderen.”

Schuiven met de voorraad

In Haren lukt het apothekers meestal nog om een oplossing te vinden. BENU is een keten van 350 apotheken in heel Nederland en kan daardoor makkelijker met voorraad schuiven. „Al heeft ook dat zijn grenzen”, zegt Haverdings.

Op het scherm van apothekersassistent Marleen Bakker verschijnt een nieuw recept: Efudix-crème, een zalf die wordt gebruikt bij voorstadia van huidkanker. Levertijd enkele weken. Eerder schoof zo’n datum al eens weken op.

Ze klikt door het voorraadsysteem. Een collega in Hoogezand heeft nog één verpakking. Toevallig woont hij in Haren en rijdt hij soms langs. Ze stuurt een bericht.

Een half uur later belt hij terug. Morgen neemt hij het mee.

Bakker zucht. „Opgelost.”

Dan verschijnt het volgende recept op haar scherm: weer Efudix.

Lees ook

Minister handelt in strijd met vonnis vanwege ‘mogelijk levensbedreigend’ medicijntekort

Een apotheekmedewerker bekijkt de voorraad in een apotheek.
Lees het hele artikel