Zangeres Robyn: ‘Je moet een liedje soms jaren onderzoeken’

2 dagen geleden 3


„Wat denk jij, waarom vonden mensen mijn optreden provocerend?” Zangeres Robin Miriam Carlsson (Stockholm, 1979) kaatst de vraag onbevreesd terug. Het gesprek gaat over haar recente tv-optreden bij The Late Show – een populaire Amerikaanse talkshow van presentator Stephen Colbert.

Sinds haar debuut is de Zweedse Robyn gewend aan lovende reacties. Nog piepjong had ze in 1995 instant succes met liedjes ‘Do You Know (What it Takes)’ en ‘Show Me Love’, beide top tien-hits in de V.S. Vijftien jaar later werd ‘Dancing on my Own’ (van het album Body Talk Pt. 1, 2010) zelfs een popklassieker in clubs, op bruiloften, in honkbalstadions en karaokebars. En dan was er nu dus opeens negatieve ophef, naar aanleiding van dat ene optreden in The Late Show op 7 januari. The New York Post wijdde er een lang artikel aan, dat memoreert hoe Robyn en de titelsong van haar eerste album sinds acht jaar fel werden bespot. Een zangeres van 46 die gekleed in een rode leren broek en een goud Versace-vestje zingt over vluchtige seks terwijl ze zwanger is – mag dat, kan dat? ‘Plaatsvervangende schaamte’, aldus een reactie. En: „De wereld is er door dit nieuwe liedje alleen maar slechter op geworden.”

Vanuit haar Zweedse woonkamer kan Robyn er zelf inmiddels om lachen. „Ik dacht: Huh, wat gebeurt híer!? De meerderheid van de reacties was fantastisch, maar er waren inderdaad ook fans die mijn optreden gênant en provocerend vonden.”

Oorwurmen

Robyns hele negende album, met de titel Sexistential, verscheen op vrijdag 27 maart. Voor popster Harry Styles was het de aanleiding haar te vragen het voorprogramma te verzorgen van zijn tien uitverkochte stadionshows in de Johan Cruyff Arena, in mei en juni van dit jaar.

Het was ook de titelsong die ze, tegen veler verwachting in, zong bij The Late Show. Gerekend was op ‘Talk To Me’, het nieuwe nummer dat al breed door de radio is opgepikt. Daarvoor werkte ze opnieuw samen met Max Martin, de liedjesschrijver en hitproducer die in de jaren negentig ook bij Robyns debuut betrokken was. Maar ‘Sexistential’ bleek een heel ander nummer. Anders dan ‘Talk To Me’ en ook anders dan de rest van de liedjes nummers op het nieuwe album. Geen poppy oorwurm vol hooks die meteen blijven hangen, maar een kil klinkende clubtrack waar Robyn expres houterig overeen rapt.

https://www.youtube.com/embed/OAezWNIUMDM

Het thema dat ze in ‘Sexistential’ aankaart, vraagt ook om een minder luchtige benadering. Het gaat over haar ivf-traject, de stress van zwangerschapstesten, van de ingrijpende hormoontherapieën die haar lichaam ‘in een ruimteschip veranderden’, en de onenightstands die ze had toen ze tien weken zwanger was. En toch is ‘Sexistential’ in Robyns handen óók een grappig en zelfverzekerd nummer.

Het ging haar in dat liedje om het gevoel van controle, zegt ze. Of liever: om de schijn van controle. „Je denkt het te hebben, maar je hebt het niet. Ook niet in het hele IVF-proces. Door dat inzicht kwamen uiteindelijk ook alle andere nummers op het album in een ander daglicht te staan.  Controle is een illusie, merkte ik. ”

De ophef op Robyns optreden in The Late Show werd opgeklopt door The New York Post – een van de conservatieve kranten in de V.S.. Wordt een bewust alleenstaande moeder daar nu door sommigen misschien gewoon als een bedreiging gezien? Robyn denkt er even over na. „Alleenstaand ouderschap ís ingewikkeld, voor iedereen. Mijn liedje is totaal geen reclame voor IVF, dat een privilege is wanneer je er bewust voor kan kiezen. Maar inderdaad, het kán ook gezien worden als een statement tegen de heersende norm van het klassieke gezin.”

Dopamine en data

Sexistential was vanaf het begin de grappende werktitel van het album. En één die, toen het voltooid was, ook precies de lading bleek te dekken. Het is geen plaat over ouderschap geworden, benadrukt Robyn nog eens. Nee, het gaat over de periode van vlak daarvóór: als een muzikale getuigenis van een levensfase waarin seksualiteit en sensualiteit keihard botsen met data, efficiëntie en wetenschap. Daar gaat het liedje ‘Dopamine’ ook over, stelt ze. „Als gelukshormoon is dat concreet en meetbaar. Maar het gevoel dat je ervan krijgt, de euforie, is ongrijpbaar. Tussen die twee realiteiten zit voor mij de vrijheid, de harmonie waarmee je altijd zou willen leven.”

De liedjes op Sexistential mochten niet te ingewikkeld klinken, legt Robyn uit. De botsende thema’s moesten in minimalistische producties gegoten worden. Zo klinkt het album zowel luchtig als fysiek. Er zijn dreunende synthesizers, af en toe een digitale snipper die vast dreigt te lopen in stotterende elektronische chaos, maar telkens weer ontstaat er een frisse popmelodie of refrein zoals Robyn ze al bijna dertig jaar schrijft.

„Als je verwacht dat liedjes zomaar in je schoot geworpen worden, gebeurt er niets

„Ik houd er niet van als er veel lagen over elkaar heen liggen. Dat maakt het schrijven uiteindelijk veel lastiger. Elk element moet werken. Je moet soms jarenlang aan een liedje blijven schaven, omdat je weet dat er iets in zit.”

Eindeloos schaven

Ook Sexistential bevat nummers waarop ze vele jaren kauwde. Het melancholische ‘Sucker for Love’ bijvoorbeeld, dat in een andere vorm geschreven werd voor een sessie met danceduo Röyksopp. Robyn schaafde er ruim tien jaar aan. Dat gold ook voor ‘Dopamine’. ‘Blow My Mind’ verscheen zelfs al eens in 2002, maar vindt nu zijn definitieve vorm.

„Als je verwacht dat liedjes zo maar in je schoot geworpen worden, gebeurt er niets. De totstandkoming is vaak heel complex. Het proces dwingt me richting het onverwachte en confronteert me zelfs met tenenkrommende plekken in mijzelf. Maar alleen als je je daarvoor openstelt, krijg je muziek die nieuwe perspectieven biedt. Zoals ironie in een grap je opeens anders naar iets laat kijken.”

Lees het hele artikel