Besteed de 25 miljoen voor versterking van ‘Joods leven’ in Amsterdam ook aan verbinding met andere gemeenschappen, aldus adviescommissie

3 uren geleden 2

Emile Schrijver drukt op het knopje van het stoplicht en gebaart om zich heen terwijl de auto’s voorbijrazen. „Dit”, zegt hij, „was het hart van de oude jodenbuurt.” Achter hem ligt het complex met vier Hoogduitse synagogen, aan de overkant van de drukke weg de Portugese Synagoge uit 1675, als je het Schrijver vraagt „een van de meest majestueuze gebouwen” die er bestaan. Dagelijks, denkt hij, passeren hier duizenden mensen die geen idee hebben van de culturele en historische rijkdom achter deze gevels. „Zonde, want het is een van de laatste plekken in Amsterdam waar je de 17de eeuw nog echt voelt.”

Schrijver is een van de bekendste Joodse gezichten van Nederland. Al elf jaar leidt hij het Joods Cultureel Kwartier, bestaande uit het Joods Museum, de Portugese Synagoge, de eeuwenoude bibliotheek Ets Haim, de Hollandsche Schouwburg en het Nationaal Holocaustmuseum. Wie wil begrijpen hoe de Joodse gemeenschap al vier eeuwen het karakter van Amsterdam mede vormgeeft, hoeft eigenlijk alleen maar een stukje met hem mee te lopen. Dan hoor je over de bloei van ‘Mokum’, een van de belangrijkste Joodse centra van Europa. „Kijk nou waar we staan”, zegt hij als het licht op het Jonas Daniël Meijerplein op groen springt. „Hartje centrum. Amsterdamser wordt het niet.”

Foto Saskia van den Boom

Op 24 april vorig jaar bood burgemeester Femke Halsema excuses aan voor de rol van de gemeente Amsterdam tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. De stad, zei ze in haar toespraak bij de Jom Hasjoa-herdenking, liet haar Joodse inwoners „gruwelijk in de steek”. Ze herinnerde eraan dat het Amsterdamse college al vóór de komst van NSB-wethouders meewerkte aan de registratie van Joodse inwoners. Het verleden valt niet terug te draaien, zei ze, maar verantwoordelijkheid nemen kan wel. Het stadsbestuur stelde 25 miljoen euro beschikbaar voor het versterken van het ‘Joodse leven’ in de stad. Niet voor herdenkingen, beveiliging of bestrijding van antisemitisme, maar voor ideeën en initiatieven uit de gemeenschap zelf: maatschappelijk, educatief en cultureel.

Lees ook

Amsterdam treft ‘maximale maatregelen’ om Joodse instellingen te beschermen, zegt Halsema

De bewakingseenheid van de politie bij het Joods museum in Amsterdam.

‘Complexe opdracht’ voor commissie

Een commissie onder leiding van oud-minister Jet Bussemaker onderzocht het afgelopen jaar hoe dit geld het best besteed kan worden. Dinsdagmiddag, bij de presentatie van het advies daarover in de Koningszaal in Artis, sprak Bussemaker van een „bijzonder eervolle en tegelijkertijd complexe opdracht”. Complex omdat het raakt „aan de meest pijnlijke geschiedenis” en vanwege de geopolitieke situatie: de ontwikkelingen in Israël, Gaza en het Midden-Oosten die ook Amsterdammers raken – en soms splijten. De complexiteit, zei ze, zat ‘m ook in de enorme diversiteit van de joodse gemeenschappen. Religieus of seculier, sterk of nauwelijks verbonden met tradities, georganiseerd of volledig onafhankelijk – de commissie trof het allemaal.

Ik geloof dat we met dit advies dichterbij komen om die bruisende stad te zijn voor alle Joodse jongeren, waar we weer op zoek gaan naar de branie en de gein

Uit de vele gesprekken met Joodse Amsterdammers en organisaties kwam wel een gedeelde wens naar voren: een toekomst waarin Joods leven in Amsterdam zichtbaar en verbonden is – met de stad, met andere gemeenschappen (de Turkse, Marokkaanse of lhbti+-gemeenschap bijvoorbeeld) en met elkaar. Bijna iedereen, zei Bussemaker, noemde het belang van jongeren. Zij bepalen de toekomst, maar ervaren nu vaak drempels om elkaar op te zoeken of mee te doen met activiteiten. De commissie stelt voor het bedrag onder te brengen in een onafhankelijk fonds dat investeert op drie terreinen: kennis, cultuur en publieke ruimte. Het geld moet in twintig tot vijfentwintig jaar worden uitgekeerd, ongeveer 1 miljoen per jaar.

Foto Saskia van den Boom
Foto Saskia van den Boom
Foto Saskia van den Boom

Boaz Cahn (26), commissielid en een van de oprichters van het joods-islamitische initiatief Deel de Duif, zegt dinsdag in Artis dat jong en Joods zijn in Amsterdam soms „best eenzaam” kan voelen. Onderweg naar de presentatie fietste hij langs het stadhuis, de plek waar ooit de levendige wijk Vlooienburg lag. Dan ervaart hij „een soort leegte”: het Joodse leven dat vroeger overal zichtbaar was, wordt tegenwoordig meer herinnerd dan geleefd. Terwijl Joods-zijn juist ook iets moois en vrolijks is. „Ik geloof dat we met dit advies een stap dichterbij komen om die bruisende stad te zijn voor alle Joodse jongeren. Een stad waar we weer op zoek gaan naar de branie en de gein.”

‘Joodse positiviteit’

Emile Schrijver zet zijn keppel op en duwt de zware deur van de Portugese Synagoge open. Kijk, zegt hij, hier zie je die 17de-eeuwse sfeer: zand op de vloer, houten banken. Er is geen verwarming of verlichting, in de lucht hangen kroonluchters met honderden kaarsen. Bedenk, vervolgt hij, dat dit geen statisch erfgoed is, maar een „hardcore gemeenschapsplek” die lééft. De bibliotheek aan de overkant, met een collectie handschriften van 1282 tot aan de oorlog, is nog altijd in gebruik. En elke dag, voordat de eerste bezoekers komen, klinkt in de kleinere wintersynagoge het ochtendgebed.

Het geld kan helpen Joodse positiviteit uit te dragen als tegenwicht voor de huidige maatschappelijke spanning

Ja, zegt Schrijver, de musea van het Joods Cultureel Kwartier trekken sinds de terreuraanval van Hamas op 7 oktober 2023 en het daaropvolgende Israëlische geweld richting Palestijnen veel minder bezoekers. Hij ziet een „hyperfocus” op alles wat Joods is: „Een demonstratie bij een optreden in het Concertgebouw zorgt meteen voor een zware sfeer rondom álle joodse evenementen en instellingen.” Toenemend antisemitisme en een groeiend gevoel van onveiligheid – versterkt door bijvoorbeeld de recente aanslag op de joodse school Cheider – hebben ook effect. „De Joodse aanwezigheid in de stad staat onder grote druk.”

Foto Saskia van den Boom

Het besluit van Amsterdam om geld te investeren in de toekomst van Joods leven vindt Schrijver „lovenswaardig”. Het kan helpen „Joodse positiviteit uit te dragen” als tegenwicht voor de huidige maatschappelijke spanning. Onderweg terug naar zijn werkplek in het Joods Museum, houdt hij stil onder de woorden boven de ingang: ‘open voor iedereen’. „Al jaren onze leus”, zegt Schrijver. En nu misschien relevanter dan ooit. „Kom kijken, hier leer je hoe breed het palet van de Joodse identiteit is. We zijn geen vreemdelingen, we zijn Amsterdammers. Amsterdammers met een religieuze traditie en een grote liefde voor de stad.”

Lees ook

‘Sinds 7 oktober voelen Nederlandse Joden zich onveilig’

Margo Weerts (links), directeur van Joods Maatschappelijk werk, en Esti Cohen, teamleider bij Joods Maatschappelijk werk. Foto Olivier Middendorp
Lees het hele artikel