De Kameroense ingenieur die iets wil doen aan eendenbekken, mammografieën en baarmoeder­verdoving

2 uren geleden 1

‘Alle vrouwen houden van je!” roept de communicatie­medewerkster lachend bij het afscheid. Niet tegen mij, maar tegen Karlheinz Samenjo, een Kameroense ingenieur die in Delft vecht voor goedkope en humane zorg voor vrouwen. Zijn uitvinding voor pijnbestrijding bij gynaecologische ingrepen is net zo simpel als doeltreffend, maar de medische industrie staat nog niet in de rij en fondsen werven is moeizaam. „Het is complex, maar het móét lukken. Iemand moet het doen.”

Karlheinz Samenjo (36) zit in een laboratorium in de faculteit Industrieel Ontwerpen van de TU Delft, ergens tussen een elektrisch autootje, een rijtje vliegtuigstoelen en andere experimentele opstellingen. In de hal buiten het lab rijden studenten met robotjes rond, andere groepjes zitten aan tafels met lijmpistolen, laptops en apparaten waar allerlei kleuren snoeren, wieltjes en lampjes uitsteken. Op het bureau van Samenjo – zwart overhemd, baardje, lange dreads bij elkaar in een elastiekje – liggen een eendenbek, een plastic vagina en de uitvinding waaraan hij de afgelopen acht jaar heeft gewerkt: de Chloe, een apparaatje om goedkoop en makkelijk te verdoven bij gynaecologische ingrepen.

Karlheinz Samenjo.

Karlheinz Samenjo.

Foto Bart Maat

Samenjo’s Chloe is een ontzettend simpel instrument van polypropeen uit twee delen die samen een verlengstuk vormen voor een gangbare 10-milliliterverdovingsspuit. Die klik je in de Chloe en dan is die lang genoeg om er de baarmoedermond (cervix) mee te kunnen verdoven. Dat doen artsen in Nederland normaal gesproken met een lange naald die ook voor ruggenprikken wordt gebruikt, ‘spinale naalden’. Die zijn lang genoeg, maar kwetsbaar en prijzig: zo’n 50 euro per stuk. De Chloe moet één euro per stuk gaan kosten, en ze zijn meerdere keren herbruikbaar. Voor certificering, productie en distributie heeft hij met de universiteit een crowdfunding opgezet.

In veel Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara gebeuren gynaecologische ingrepen, zoals curettage na een miskraam, vanwege de kosten zonder verdoving. Volgens de TU Delft gaat het jaarlijks om 25 miljoen vrouwen. Daar probeert Samenjo al jaren iets aan te doen. En als dat is gelukt wil hij de rest van de zorg voor vrouwen verbeteren, ook hier in Europa: pijnlijke mammografieën, ongemakkelijke eendenbekken (waar zijn collega’s Tamara Hoveling en Ariadna Izcara Gual in Delft ook aan werken), hartaandoeningen, menstruatiepijn, vaginale geuren; zijn droom is een onderzoekscentrum speciaal ingericht voor zorg voor vrouwen – je begrijpt die bewonderende uitroep van de communicatiemedewerkster wel.

Lees ook

Nieuwe versie van de ‘eendenbek’ ontvouwt zich als een bloem in het lichaam van de vrouw

De huidige metalen ‘eendenbek’, „een middeleeuws martelwerktuig” en de nieuw ontworpen eendenbek, gemaakt van semi-flexibel rubber.

Geschreeuw uit het ziekenhuis

Hoe kwam hij erbij? „Ik ben opgegroeid in Bamenda, een afgelegen, zeer arme stad in Kameroen, met aan de andere kant van mijn slaapkamermuur een ziekenhuis. Ik herinner me levendig het geschreeuw aan de andere kant, vooral van vrouwen. Ik wist toen natuurlijk niet wat er gebeurde, maar het is me altijd bijgebleven. Toen ik op mijn zeventiende met behulp van een familielid in Kenia kon gaan studeren, hoorde ik dezelfde soort schreeuwen uit een ziekenhuis komen.”

Hij ontmoette een dokter met wie hij bevriend raakte, en die moedigde Samenjo, die werktuigbouwkundig ontwerp studeerde, aan om iets uit te vinden. „Als je langs een kliniek loopt staan de vrouwen er buiten in de rij en kun je de anderen binnen horen schreeuwen. Dat is niet verborgen in de gemeenschap waar ik vandaan kom.”

Hij wist wel een beetje hoe medische apparatuur eruitziet. Het ziekenhuis waarnaast hij opgroeide dumpte zijn afval op het veldje ernaast, waar hij als jongetje speelde. „Gebruikte naalden waren mijn speelgoed. Gevaarlijk natuurlijk, maar dat heb je als kind niet door. Mijn ouders verboden het wel maar ze hadden het te druk om er op te letten, en als kind wordt het dan alleen maar leuker om het toch te doen. Bovendien hadden we niets anders om mee te spelen. Misschien dat ik daar mijn fascinatie voor medische toepassingen heb opgedaan.”

En er is nog iets wat hem naar deze hoek van de geneeskunde trok: zijn zussen. Hij groeide op in een gezin van zes, en trok vooral veel op met de jongere zus voor wie hij de belangrijkste verzorger was. „Mijn eigen zusje ging door een moeilijke bevalling en kreeg problemen, maar geen medicatie. Ik was daar niet bij maar hoorde het aan de telefoon. Ze belde me en zei: ‘bid voor me, ik kan het niet meer aan.’ Dat raakte me, dat wilde ik oplossen.”

https://www.youtube.com/watch?v=csOf-62iaWk

Mannen die denken alles te weten

Nee, heel voor de hand liggend was het niet voor een man in Kenia om zich te richten op vrouwengeneeskunde. Hij lacht: „Ook niet in Europa toch? Maar ik denk er niet over na. Ik was vorige week in Nigeria en sprak een vrouw die een mammografie had ondergaan, met zo’n apparaat dat de borst pijnlijk vastknijpt. Die was in tranen en vroeg: kun je daar niet iets aan doen?” In zo’n geval ziet hij geen ‘vrouwenprobleem’ of iets waarmee hij niets te maken zou hebben. „Ik heb zoveel pijnlijke dingen gezien. Ik denk er dan niet over na dat ik een man ben, maar gewoon: wat is de oplossing?”

Natuurlijk is het weleens ongemakkelijk, geeft hij toe, dat hij als man zich zo bemoeit met problemen die hem niet betreffen. Hij is geoefend in gevoeligheid, de temperatuur van de kamer aanvoelen, empathie. „Soms heb je gelijk, maar beledig je toch een ruimte vol vrouwen omdat je een kerel bent. Maar weet je, het helpt dat ik zwart ben.” Hij lacht, „echt waar! Want weet je, een witte man die alles denkt te weten is het stereotype. En dat ben ik niet, dus ik deel met vrouwen vaak veelvoorkomende vooroordelen. Gek hè? Maar zo werkt het.”

Dat is hoe eeuwenlange onderdrukking doorwerkt in deze tijd, vertelt Samenjo. Dat hij ook tot de onderdrukten behoort, helpt in gesprekken met vrouwen. „Als ze een witte mannelijke dokter zien denken ze: jij bent het probleem. Ook al is hij het niet. Ik heb vaak meegemaakt dat een man iets zegt over vrouwenzorg, en de vrouwen in een zaal het niet accepteren, ook al heeft hij gelijk. Ik probeer dan de angel uit zo’n conflict te halen door te herhalen wat hij zegt, op een manier dat zij het wel accepteert.”

In Delft kwam hij terecht via Instagram. Hij zag een chirurgisch hulpmiddel ontworpen door een student in Delft, en ze raakten in gesprek. Via via kwam hij in contact met een professor, en kon hij een aanvraag doen voor een beurs. Zijn Chloe is inmiddels klinisch getest in Kenia, waar hij het voor ontwierp. Maar hij krijgt steeds vaker de vraag van dokters of hij het niet ook in Nederland kan inzetten. „Ik dacht, oeps, daar heb ik nooit aan gedacht. Maar ook hier kan het werken, ook hier willen mensen de kosten drukken met humane, duurzame zorgmiddelen.”

 een trainingsmodel, en twee versies van de Chloe, een metalen en polypropeen.

De medische instrumenten die Samenjo ontwikkelde: een trainingsmodel, en twee versies van de Chloe, een metalen en polypropeen.

Foto Bart Maat

Gebrek aan geld

Dat zijn de mogelijkheden, maar Samenjo loopt ook tegen muren. „Er is maar heel weinig geld voor specifieke vrouwenzorg, zelfs in Europa. Kijk maar hier op de TU Delft, hoeveel projecten gericht op vrouwenzorg ken je?” Zelfs voor de nieuwe eendenbek van Tamara Hoveling en Ariadna Izcara Gual was maar 200.000 euro beschikbaar. „Dat is bij lange na niet genoeg om dat instrument op de markt te brengen. Het is niet populair. En dat blijft me verbazen, aangezien de helft van de bevolking vrouwelijk is. En als je gaat praten met overheden of met bedrijven, dan zeggen ze: tja, verdoving voor vrouwen, het ging toch ook goed zónder? Daar zit geen winst in.”

Enkele uren voordat we elkaar spreken, sprak Samenjo nog met twee bedrijven om te bedenken of en hoe ze in Nederland een proef met de Chloe kunnen doen. Dat zou volgens hem 400.000 euro kosten. „Waar moet dat geld vandaan komen? En dat is alleen nog voor klinische tests, niet eens voor verder onderzoek.”

De huidige politieke situatie in de wereld helpt niet. Alleen al door het afknijpen van USAID door Donald Trump is hij meerdere financiële toezeggingen misgelopen. Maar Samenjo krijg je niet snel bitter. „Het is hun overheid. Zij bepalen, dus dat is echt helemaal oké. Ik kijk daardoor minder naar overheden en meer naar stichtingen en andere fondsenwervers die impact willen maken.”

„Ik heb af en toe gedacht aan opgeven. Ik kan veel makkelijker ‘deep tech’ gaan doen, of AI. Veel meer geld mee te verdienen.” Hij lacht. „Maar op de een of andere manier lukt het me niet om de Chloe te laten gaan. Het is moeilijk, maar ik heb er te hard aan gewerkt, dus ik ga door en ik blijf optimistisch. Iemand moet het doen!”

Karlheinz Samenjo in zijn lab aan de TU Delft.

Karlheinz Samenjo in zijn lab aan de TU Delft.

Foto Bart Maat
De journalistieke principes van NRC
Lees het hele artikel