Een statement in Kyiv, een crisis in Teheran. ‘Wij blijven Oekraïne steunen’

4 uren geleden 1

Het nieuwe kabinet wilde een statement maken: Nederland blijft Oekraïne steunen. Het eerste telefoontje van de minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) was aan zijn Oekraïense ambtgenoot. Samen met de nieuwe vicepremier en minister van Defensie Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD) ging het eerste ambtsbezoek binnen een week na de beëdiging van het nieuwe kabinet naar Kyiv.

Maar als de ministers zaterdagochtend in Kyiv uit de trein stappen, zijn de VS en Israël een oorlog begonnen tegen Iran. Tussen het drukke programma door wordt er constant overlegd, statements worden uitgebracht, er wordt bezorgdheid geuit over het Nederlandse personeel in de regio en toch vooral afgewacht over hoe de aanval zich ontwikkelt. „Je wordt erover geïnformeerd en we staan in continu contact met de partners”, zegt Berendsen. „Maar tegelijk heb ik ook steeds het besef: wacht even, ik wil ook geconcentreerd blijven op de mensen die we spreken, want daarvoor zijn we hier.”

Aan de hand van één van haar medewerkers stapt Yesilgöz over de vastgevroren sneeuwhopen bij het Mykhajloplein, waar verroeste Russische tanks staan opgesteld. „Ik moet zorgen dat niet alleen het kabinet, maar ook ikzelf overeind blijf”, grapt ze. Als politicus kwam ze eenmaal eerder in Oekraïne.

Nederland zit in de top vijf van landen die Oekraïne financieel het meest ondersteunen, de delegatie wordt warm onthaald. Op het programma van Berendsen en Yesilgöz staat een bezoek aan Volodymyr Zelensky in het presidentiële paleis. Berendsen gaat ook naar een zwaar getroffen energiecentrale en de Sofijivska-kathedraal. Yesilgöz wordt bijgepraat over de drone-oorlog, bezoekt een dronefabriek en een luchtafweerlocatie.

Lees ook

Oekraïne deelt dronegegevens van het slagveld met Nederland voor defensie-industrie

Minister van Defensie Dilan Yeşilgöz en de Oekraïense minister van Defensie Fedorov op de persconferentie in Kyiv op 28 februari.

Nederland leverde Oekraïne binnen de F-16-coalitie vierentwintig gevechtsvliegtuigen. Deze toestellen verwierf Nederland in de jaren tachtig en negentig van vorige eeuw. Ze zijn door Nederland nog ingezet in Bosnië en tegen IS in het Midden-Oosten, maar worden in Oekraïne zeer intensief gebruikt in de afweer tegen kruisraketten, ballistische raketten en lange-afstandskamikazedrones. Nederland blijft ervoor zorgen dat de toestellen ook ingezet kunnen blijven worden – door het leveren van munitie, reserve-onderdelen en het opleiden van onderhoudsmonteurs.

In Kyiv is Yesilgöz er getuige van hoe de Oekraïeners hun oorlogsdoden herdenken

Foto Kostyantyn Chernichkin

Het nieuwe kabinet wil opnieuw fors gaan investeren in Oekraïne. Ruim 3 miljard is er beloofd. Al zou het kunnen dat een deel daarvan het reeds vorig jaar toegezegde bedrag van de ‘motie-Klaver’ betreft, waarvan nog 1,7 miljard niet zou zijn uitgegeven.

Om de kosten te dekken wil het kabinet niet het begrotingstekort laten oplopen. „Dat is niet nodig”, stelt Yesilgöz. Maar voor de bezuinigingen die de regering voor ogen heeft om het geld vrij te maken, zal nog wel een meerderheid gevonden moeten worden.

Feestvierende fans, in betere tijden

Minister Berendsen bezocht Oekraïne voor het laatst bij het WK voetbal, in 2012. Toen Charkiv een centrum voor feestvierende fans was, en Donetsk nog vrij te bereizen was. Tijdens dit bezoek lijkt hij het meest onder de indruk de getroffen energiecentrale even buiten Kyiv.

Als Europarlementariër bezocht hij al vele energiecentrales. Maar nooit eerder betrad hij een roestige Sovjet-centrale uit de jaren zestig die al zo’n honderd keer door Rusland is aangevallen en desondanks, dankzij nooit aflatende werkzaamheden nog steeds wat energie opwerkt. Binnen hangen ijspegels aan de waterleidingen, de voor het proces benodigde buizen worden met open vuur warm gehouden tegen de vrieskou. Het liefst zou Oekraïne een hele nieuwe, minder vervuilende fabriek neerzetten. Maar daar is tijdens de oorlog geen beginnen aan.

Berendsen krijgt te horen dat de beheerders in de controlekamer aan de knoppen blijven zitten tijdens een massale raketaanval, om de energieopwekking zo mogelijk draaiende te houden. „It’s a problem”, is de onderkoelde commentaar van de Oekraïense onderminister voor Energie, Anatoli Koetsevol. Berendsen schiet even in de lach. „Ja, dat is een probleem”, zegt hij.

Bij het naar buiten lopen zegt Berendsen: „Misschien moet ik u voorstellen aan onze staatssecretaris van Energie.”

„Daar zijn we al mee in contact”, grijnst de Oekraïner.

‘Misschien was Nederland wel te naïef’

De banden zijn dus hecht, maar de boodschap „achter Oekraïne blijven staan” smaakt wel iets wrang, nu de oorlog zijn vijfde jaar ingaat. Zelfs nu de steun aan Oekraïne op peil blijft, doordat Europa de gaten vult die de VS achterlaten, is dat nog niet genoeg om Rusland blijvend af te slaan.

„Achteraf bezien”, zegt Yesilgöz, was Nederland „misschien wel te naïef” door jarenlang de defensie af te breken. De suggestie dat Europa Oekraïense energiecentrales had kunnen helpen beschermen als er aan het begin van de oorlog was besloten om een no-fly-zone in te stellen, wuift ze weg. „Ik zat daarover niet aan tafel, maar ik weet ook dat het heel veel consequenties heeft die je moet bespreken. Want als het geschonden wordt, als je daar niet allemaal antwoord op kunt geven, gaat het nog steeds over onze mensenlevens.”

Berendsen in de Sint-Sofiakathedraal

Foto Kostyantyn Chernichkin

Iran blijft het bezoek overschaduwen. Voor Oekraïne is Iran een vijand, die Rusland de technologie verschafte voor de dodelijke Shahed-kamikazedrones die Moskou geregeld met honderden tegelijk op Oekraïne afstuurt. In een interview met lokale media zegt Yesilgöz: „Ik hoop dat Iran wat aan macht verliest.” Wat ze tegen NRC nuanceert: „Ik zeg niet dat wat nu gebeurt daar de manier voor is.”

Het door de VS stopzetten van wapensteun aan Oekraïne; de manier waarop Europeanen worden gedwongen om voor die steun te betalen; het kleineren van Zelensky; de rode loper voor Poetin in Alaska; de ontvoering van de Venezolaanse president; en nu een oorlog tegen Iran zonder overleg met Europese bondgenoten. De nieuwe houding van Amerikaanse regering op het wereldtoneel werpt de vraag op of Europa de VS niet helemaal los moet laten. Het wordt even ijskoud in de kamer als NRC deze vraag stelt.

Berendsen: „Nee, Amerika is een hele belangrijke partner van ons, maar zeker ook van Oekraïne in de strijd tegen Rusland. Voor een oplossing hiervoor is de steun van de VS gewoon nodig.” Nederland blijft zich inzetten om Washington bij de les te houden, zegt de minister. „Wat de Amerikanen tussen hun oren moeten krijgen is dat Oekraïne niet aan het verliezen is.”

Lees het hele artikel